Kun je al haken en wil je ook de overlay mozaïek techniek leren?
Probeer dan het gratis patroon hieronder. Begin met het kiezen van twee contrasterende garens en een geschikte haaknaald. Bijvoorbeeld Scheepjes Colour Crafter met haaknaald 4 mm.
We gaan deze olifant hieronder haken. Het patroon is 33 steken breed en 32 steken hoog. Het project wordt ongeveer 15 cm breed en 15 cm hoog. Bekijk onderaan de pagina een korte introductievideo over overlay mozaïek.

Eerst beginnen we met de symbolen; ik zal ze tijdens het proces opnieuw toelichten:
Vaste in de achterste lus met de oranje kleur. De kleur van dit vakje maakt niet uit. Je haakt met 1 kleur in 1 rij. Je kunt dus een vaste haken in een vakje met de andere kleur.
Vaste in de achterste lus met de witte kleur. De kleur van dit vakje maakt niet uit. Je haakt met 1 kleur in 1 rij. Je kunt dus een vaste haken in een vakje met de andere kleur.
Stokje in de voorste lus van de voorgaande rij met oranje. Deze komen alleen voor in een vakje met de kleur van de rij waarin je aan het haken bent.
Stokje in de voorste lus van de voorgaande rij met wit. Deze komen alleen voor in een vakje met de kleur van de rij waarin je aan het haken bent.
Kantsteek met oranje, dit symbool staat aan het begin van de rij. Deze geeft aan in welke kleur de rij wordt gehaakt. Dit is heel belangrijk.
Kantsteek met wit, dit symbool staat aan het begin van de rij. Deze geeft aan in welke kleur de rij wordt gehaakt. Dit is heel belangrijk.
Nu kunnen we beginnen!
Pak je lichte kleur (wit in ons voorbeeld) en haak een lossenketting van 34 lossen. Haak vervolgens terug in de tweede losse vanaf je haaknaald en haak een vaste in elke losse [33]. Je werk ziet er nu ongeveer zo uit. Knip je draad af en laat ongeveer 5 cm draad aan je werk zitten.

Het is tijd om met rij 1 te beginnen. Mozaïek wordt van rechts naar links en van onder naar boven gehaakt. We starten dus in de rechteronderhoek, waar rij 1 zichtbaar is. Pak je donkere kleur (oranje in ons geval) en begin met een kantsteek (zie de video onderaan de pagina); dit is steek 1.
Nu bekijken we wat we in de volgende steek van de rij moeten doen. Deze rij bestaat volledig uit lege vakjes in de kleur wit.
Dat kan vreemd lijken, omdat we nu met oranje werken. Dat mag je voorlopig even loslaten: haak gewoon in alle steken een vaste in de achterste lus (tot aan de laatste steek, dat is weer een kantsteek). De reden dat de kleur in het diagram wit is, komt doordat het stokje in de toer erboven de vaste van de toer eronder overheerst. Het diagram laat zien wat je uiteindelijk ziet: de stokjes, en niet de vasten, want die verdwijnen naar de achterkant van je werk. Zoals op de foto hieronder.

Als je klaar bent, ziet je werk eruit zoals op de foto hieronder.

Na je kantsteek haak je 31 stokjes in de voorste lus van de vasten van de ketting waarmee je bent begonnen. Haak in de laatste steek een kantsteek (altijd door beide lussen).

Pak nu weer je donkere kleur en volg rij 3. Dit zijn opnieuw allemaal vasten in de achterste lus van rij 2.
Vanaf rij 4 moet je beginnen met tellen:
-
Begin met de kantsteek.
-
Haak 11 stokjes in de voorste lus van toer 2.
-
Haak 6 vasten in de achterste lus van toer 3.
-
Haak 3 stokjes in de voorste lus van toer 2.
-
Haak 7 vasten in de achterste lus van toer 3.
-
Haak 4 stokjes in de voorste lus van toer 2.
-
Eindig met een kantsteek.
Zie de illustratie hieronder ter verduidelijking.

Herhaal nu het bovenstaande proces en veel haakplezier!
Extra video-instructies
Introductie tot mozaïek overlay techniek
Het haken van de kantsteek
Het haken van de enveloprand
Hoe een teltekening te lezen
